Op 1 januari 2024 verdwijnt het voordeel op het ‘federaal langetermijnsparen voor kapitaalaflossingen van niet-eigen woningen’ – beter bekend als de woonbonus tweede woning. Indien je nog voor het einde van het jaar 2023 een tweede verblijf of woning om te verhuren koopt en hiervoor een hypothecaire lening aangaat, kan je alsnog aanspraak maken op dit aanzienlijke belastingvoordeel.
“De kapitaalaflossingen en de premies voor de schuldsaldoverzekering kunnen fiscaal worden afgetrokken tot maximaal 2.350 euro. Dit geeft aanleiding tot een maximale belastingvermindering van 705 euro per persoon per jaar gedurende de héle looptijd van de lening. Op een looptijd van bijvoorbeeld 20 jaar is dit al snel een voordeel van 14.100 euro. Wie overweegt te investeren, kan dus maar beter snel tot een overeenkomst komen en zijn notaris tot spoed aanmanen. Op die manier win je elk jaar bijna een maand aan huurinkomsten.”
Filip Dewaele, voorzitter Dewaele Vastgoedgroep
Tekort op huurmarkt
Dat de woonbonus voor de tweede woning op de schop gaat, heeft echter niet alleen een impact op de investeerder. Op het einde van de rit is volgens Filip Dewaele de doorsnee huurder het slachtoffer. Want de enige oplossing voor de verhitte situatie op de huurmarkt is het tekort aan beschikbare panden aanpakken en investeren aantrekkelijker maken.“Finaal is de huurder het kind van de rekening. Er is een ongeziene en nog steeds groeiende krapte op de huurmarkt. Zeker in ons land, waar de markt enorm versnipperd is met eigenaars die één of twee huizen verhuren en driekwart van de markt in handen is van private investeerders, is de impact van elke teruggeschroefde maatregel groot. Verhuurders dienen een algemeen, maatschappelijk doel en de overheid heeft hen nodig, maar dat blijkt helaas zelden uit de keuzes die de beleidsmakers maken.”
Filip Dewaele, voorzitter Dewaele Vastgoedgroep
Altijd meerwaarde
Investeren in vastgoed blijft volgens Dewaele ook in tijden van staatsbonnen en hogere rentes een aantal belangrijke troeven hebben.“Het verschil in rendement ten opzichte van andere beleggingen mag dan al iets lager liggen dan in de voorbije jaren, vastgoed blijft één van de beste manieren om te sparen. Vastgoed kan niet failliet gaan, kan niet verdwijnen en behoudt minstens zijn waarde. De huurprijzen zijn bovendien gelinkt aan de inflatie en stijgen dus altijd mee met de algemene levensduurte. De huurprijzen stijgen, er zijn veel goeie huurders en er is bijna geen leegstand op de huurmarkt. Op lange termijn creëer je al-tijd een meerwaarde, en dat kan je niet van elke andere investering zeggen.”
Filip Dewaele, voorzitter Dewaele Vastgoedgroep